‘Op mijn papa kan ik bouwen.’

Erik Moorlag directeur/eigenaar Rodenburg Interieurs

DRACHTEN- ‘Op mijn papa kan ik bouwen’, is het eerste wat ons opvalt als we het kantoor van Erik Moorlag binnenstappen. Dat deze tekst op een houten bordje met een hamer eronder meteen opvalt, is best bijzonder. Eriks kantoor is een, om het netjes te noemen, georganiseerde chaos. Overal liggen of staan samples, prototypes en stalen in verschillende soorten materialen en kleuren. Maar het ‘op mijn papa kan ik bouwen’, blijft in mijn achterhoofd hangen terwijl ik dit interview uittyp. Tijdens het interview met deze inspirerende man met zijn merkwaardige bedrijf, is deze zinsnede misschien wel wat hem het meest typeert.

Zie je Erik voor het eerst, dan zou je hem kunnen omschrijven als een grote, vriendelijke man, die zijn roots uit het Noorden van Nederland met trots vertegenwoordigt. Dat is ook waar het gesprek, nadat we een kopje koffie van hem hebben gekregen, meteen over gaat: ‘En waar komen jullie vandaan?’, vraagt hij.

Een echte Noorderling

Dat hij hier meteen naar vraagt, is niet vreemd. Erik is recht voor z’n raap en wil direct weten wat voor vlees hij in de kuip heeft. Dat is wat hem kenmerkt als mens, maar ook als ondernemer. Zijn eigen roots liggen overigens in de veenkoloniën van Groningen en Drenthe. Vanuit de roots belanden we bij Eriks jeugd. We zitten namelijk niet in de veenkoloniën, maar in Drachten en te horen aan zijn accent is Erik in deze regio groot geworden. Dat klopt: ‘mijn ouders zijn voor ik werd geboren naar Drachten verhuisd, dus ik ben hier opgegroeid’, zo zegt hij. ‘Als klein kind hield ik erg van het boerenleven, dus eigenlijk wilde ik boer worden’. Het boerenleven en de vrijheid van het buitenzijn, dát trok hem.

Maar hoe ben je dan in de interieurbouw terechtgekomen?

‘Nadat ik 30 jaar geleden de opleiding metaal- en elektrotechniek had afgerond, ben ik in de scheepsbouw terechtgekomen. Ik bouwde mee aan luxe jachten bij De Vries in Makkum. Bij dat bedrijf werden destijds schepen gebouwd van 1,5 miljoen per meter en via een uitzendbaan ben ik daar eigenlijk bij toeval ingerold.

Ik vond het zo leuk, dat ik ben blijven hangen en zo ben ik in de interieurbouw terecht gekomen.’

De route vanuit de scheepsbouw heeft, met een paar omzwervingen en een ander eigen bedrijf, naar Rodenburg geleid. Inmiddels zit hij hier alweer 6 jaar en heeft hij het bedrijf in 2015 overgenomen van de oude eigenaar, meneer Rodenburg.

Ook dat is bijzonder, het bedrijf werd hem als het ware in de schoot geworpen. Hij kon het zo overnemen. Maar, dat was niet wat Erik wilde. Net als bij de vraag naar onze roots, wilde hij éérst weten hoe het bedrijf écht in elkaar zat. Zo kwam hij eerst een jaar in loondienst om te onderzoeken of er een klik was. Die klik was er zeker, de eigenaar was joviaal, mensgericht en dat vindt ook Erik een belangrijke kernwaarde. Dit is iets wat hij uitdraagt, ook naar zijn werknemers toe: ‘Werken is plezier hebben. Ik wil niet dat iemand overspannen raakt.’ Na een jaar wist Erik het zeker en was de overname rond.

Een unieke marktpositie

Rodenburg Interieurs, het bestaat inmiddels zo’n 35 jaar. Vóór Eriks komst, richtten ze zich vooral op de interieurbouw. Inmiddels is de projectinrichting daar als aparte BV aan toegevoegd. Deze keuze heeft Erik bewust gemaakt: ‘we doen hele projecten, van a tot z, maar de markt verandert toch iets. Vroeger als de klant kwam, dan deed je gewoon alles’. Want eigenlijk deed ook meneer Rodenburg al veel aan projectinrichting. Zijn klanten interesseerden het niet hoe het dan heette. De oud-eigenaar was overigens een interessante verschijning: met zijn grote grijze snor en een mooie glimlach is hij een bekende Drachtenaar.   

 

Maar door het grotere netwerk heeft er een verschuiving plaatsgevonden. Veel vergelijkbare bedrijven doen namelijk of interieurbouw, of projectinrichting en juist met deze combinatie heeft Rodenburg een unieke marktpositie. Dat is iets waar klanten nog aan moeten wennen en vandaar de scheiding in projectinrichting én interieurbouw. ‘Je naam zegt heel veel’.

Dat hij deze keuze heeft gemaakt, dat kenmerkt hem. Erik noemt het zelf ook: ‘ik ben een langetermijndenker. Ik ben niet zo van de impulsieve acties: alles is doordacht’. Hier kwam bijvoorbeeld ook het idee om een architect aan te trekken uit voort: ‘dat biedt veel meerwaarde, want nu hebben we écht alles in huis. We zijn van ontwerp, tot uitvoering en plaatsing betrokken bij het project’.

Rodenburg gaat hiermee dus veel ‘verder’  het traject in dan een gemiddelde interieurbouwer: ze maken het ontwerp, ze denken en ontwikkelen mee en voeren het vervolgens ook nog eens zelf uit. Daarbij is eigenlijk ieder meubelstuk een prototype, want niet één opdracht is gelijk: ‘het is altijd maatwerk’. Met recht merkwaardig te noemen dus!

 

Heb je dan echt alles in huis?

‘Nee, het installatie-, schilder- en tegelzetwerk besteden we wel uit. Hiervoor hebben we wel vaste partners in dienst’. Ook hier kiest Erik voor vastigheid. De partners die hij nu om zich heen heeft, hebben aan een half woord genoeg. Dat vindt hij prettig. Hij kiest partners waar hij op kan bouwen en waarop hij kan vertrouwen.

Ook voor de samenwerking met concullega’s is hij niet bang: ‘bouwbedrijven doen dat ook, waarom zou ik als interieurbouwer de risico’s niet verdelen?!’, is zijn gedachte daarachter. Maar, zegt hij: samenwerken met gelijkgestemden is wel lastig. Hij vraagt ze vaak: ‘weet je wel wat samenwerken is?!’ Zo zet hij ze aan tot nadenken.

Voor Erik kan samenwerken alleen, als je het op basis van gelijkwaardigheid doet: ‘werken zij op het ene project voor 10% met mij mee, dan wil ik dat andersom ook’. Anderen willen vaak alleen ‘graaien’. Zij verwachten dan dat Rodenburg onder de naam van een ander aan het werk gaat, zonder daar iets voor terug te krijgen. En dat is niet wat Erik zoekt in een samenwerking.

Voor de lange termijn

Niet alleen partnerschappen en samenwerkingsverbanden zijn voor de lange termijn. Eriks gehele ondernemerschap kenmerkt zich door langetermijndenken. Dit zit van nature in hem, maar dit heeft hij ook eerder in zijn carrière geleerd: ‘ik ben misschien nu wel eens te voorzichtig, maar het heeft me wel gebracht waar ik nu sta.

Het bedrijf is gezond: we hebben veel werk en ook financieel niets te klagen’. Maar gaat de zaagmachine kapot? Dan staat er morgen ook gewoon een nieuwe! Dat is ook wat hij andere ondernemers mee zou willen geven. Zorg ervoor dat je weloverwogen keuzes maakt en dat je bedrijf gezond blijft.

 

Erik is niet alleen een langetermijndenker, hij neemt het leven ook zoals het komt. Alle keuzes die hij maakt voor zijn onderneming, zijn keuzes voor de toekomst. Maar, met prognoses heeft hij weinig: ik heb geen glazen bol, ik kan wel zeggen van: ik ga volgend jaar dit en dit, maar dat is helemaal niet te plannen. Erik kijkt wel altijd vooruit, nooit achterom. In de lange termijn zit groei. Maar helemaal precies uitdenken hoe het pad moet gaan lopen, dat doet hij niet. ‘Ik leef per dag’ en ‘een dag niet gelachen is een dag niet geleefd’ zijn zijn lijfspreuken. Dat wil hij zijn werknemers ook meegeven.

 

Hoe zouden anderen jou eigenlijk omschrijven?

Zonder na te denken en lachend antwoordt Erik: ‘een eigenwijze peer’. Dat hij super eigenwijs is, dat geeft hij zelf ook wel toe: ‘ik zeg ook altijd, ik heb altijd gelijk. Ik ben ook wel meegaand, maar: afspraak is afspraak. Wat je afspreekt met de klant, dat moet je ook waarmaken. Als ik door de werkplaats loop en ik zie iets wat me niet aanstaat, dan moeten ze het veranderen.

 

‘Ik vind ook, als iets fout is gegaan of beschadigt is geraakt tijdens de productie, dan is dat niet erg. Maar je moet het dan wel aanpassen of opnieuw doen en dat doen we hier, niet op locatie. Dat scheelt bovendien veel tijd. Als je het hier vervangt ben je in twee uurtjes klaar, terwijl het op locatie wel een hele dag kan duren. Dit klinkt misschien eigenwijs, maar een klant betaalt iets, dus dan moeten ze ook het product krijgen waar ze om hebben gevraagd’.

Jij bent echt iemand van het principe leren door te werken, of niet?

‘Ja, je moet het leren op de werkvloer, dat is een vereiste. Zo heb ik het zelf ooit ook geleerd en nu kan ik op alle niveaus meepraten. Dus ja, ik vind dat je eerst minimaal 5 jaar in de werkplaats moet lopen. Als je niet weet hoe een meubel in elkaar zit, dan kun je het ook niet tekenen. Dat vind ik wel jammer aan de universiteit, dat is de hoogste opleiding die je kunt volgen: maar die studenten hebben helemaal geen werkervaring. Dat gaat er bij mij echt niet in, dat kan toch niet!’

Waarde hechten aan diploma’s, dat doet Erik dan ook niet echt; werkervaring en stabiliteit in werkgevers staan voorop. Wel vindt hij het belangrijk om mee te denken over de scholing van studenten en te investeren in de toekomstige interieurbouwers, stagelopers zijn altijd welkom en ook zit hij in een stuurgroep om het onderwijs in zijn vakgebied te verbeteren. Fatsoen, goede normen en waarden en proactiviteit vindt hij belangrijk: ‘ik heb al een aantal keren meegemaakt dat de vader of moeder van de student bij mij om een stageplek kwam vragen. Dan vroeg ik: wilt u zich laten omscholen, wat leuk! Nee, zeiden ze dan: ik kom voor mijn zoon/dochter. Dat vind ik niet oke, zo’n student moet het zelf komen vragen’.

Terwijl we dit gesprek voeren, loopt er even iemand binnen om een kleurstaal op te halen. De deur staat altijd open en de aanloop is groot. Iedereen weet Rodenburg te vinden en wordt altijd op vriendelijke wijze te woord gestaan. Dat brengt ons gesprek op de huisvesting. Erik vertelt ons dat hij op deze locatie eigenlijk niet uit kan breiden. Hij zit ingesloten tussen andere bedrijven.
Daarom zoekt hij op dit moment veel de samenwerking, want druk hebben ze het zeker. Hij vraagt zich hardop af of hij eigenlijk wel groter wíl worden: ‘hoe groter je wordt, hoe moeilijker het is om met zijn allen dezelfde kant op te gaan’.

Ook weten klanten en partners hen nu moeiteloos te vinden, dat is op een andere locatie natuurlijk nog maar de vraag. Dat hoeft ook niet per se zegt hij, maar het is wel een moeilijke afweging. Hetzelfde geldt voor het logo: ‘tja het kan moderner, dat weet ik ook wel: maar het huidige logo is bij iedereen bekend. Het is echt een beeldmerk. Móet je dat dan wel willen veranderen?’

Uit deze vragen blijkt dat hij hier merkbaar over nadenkt. Zich er zorgen over maken of er zenuwachtig van worden, dat doet hij niet. Hij is simpelweg nog nooit zenuwachtig geweest, zo zegt hij. ‘Spanning zorgt ervoor dat je slechter gaat presteren. Mensen doen veel te ingewikkeld, denk nou maar gewoon simpel na. De dingen zijn veel eenvoudiger dan ze lijken’. Dat is ook wat hij probeert over te brengen op zijn werknemers. Natuurlijk moeten ze voor 100% hun best doen, maar sommige dingen of problemen kun je nou eenmaal niet meteen oplossen. Krijgen we een werk niet, dan komt er wel weer iets anders: ‘daar moet je gewoon luchtig mee omgaan’

Op mijn papa kan ik bouwen

En zo komt het: ‘op mijn papa kan ik bouwen’ weer terug. Werknemers kunnen erop vertrouwen dat Erik voor hen door het vuur gaat, want zijn mensgerichte houding zorgt voor een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Andersom verwacht Erik dat ‘ergens op kunnen bouwen’ ook van de mensen waar hij mee samenwerkt. Het bouwen op elkaar, dat heeft de basis gevormd voor zijn ondernemerschap en daar plukt hij nu de vruchten van!


Rodenburg Interieurs

de Giek 9  Drachten

05012-521124

www.rodenburginterieurs.nl


Tekst: Annemarie Venema / Fotografie: Maurits Peerbolte

 

 

WAT IS JOUW VERHAAL?

aan de slag met de merkbeleving van jouw bedrijf?

wil jij ook je huisstijl of interieur laten ontwerpen door een expert?

bel of mail ons
voor een vrijblijvende afspraak

Meer info